2004-10-27 - Digitaal Archiveren - Technologisch
|
| Bespreking: |
Op woensdag 27 oktober 2004 heeft MediaNet Vlaanderen in samenwerking met het IBBT haar tweede workshop over digitaal archiveren georganiseerd. In deze tweede workshop lag de nadruk op de technologische uitwerking van digitale archieven.
In de presentaties kwamen drie belangrijke punten naar voor: metadata, opslag en rechten.
Metadata is een zeer belangrijk deel van de informatie die in een archief opgeslagen moet worden. Metadata maakt het archief immers bruikbaar voor ontsluiting. Ondanks de inspanningen die er vanuit de MPEG werkgroepen wordt geleverd om metadata te standaardiseren zijn het toch enkele “nevenproducten” die effectief op de markt gebruikt worden. De MPEG werkgroepen hebben zich in eerste instantie te fel gefocusseerd op de syntax en the weinig op de semantiek. Daardoor hebben meer applicatiegerichte modellen, zoals p/Meta en TVAnytime hun stempel kunnen drukken op de toepassingen binnen de mediawereld. Beeld&Geluid heeft hun metadata-model gebaseerd op het beste van 3 werelden, namelijk standaarden in de archiefwereld, de omroepwereld en de internetwereld.
Sony stelde ook de nieuwe generatie professionele camera’s voor. Deze nemen samen met het AV-signaal ook metadata op. Bovendien worden de opgenomen sequenties als bestanden opgeslagen op de camera. Daarmee komen ze nog dichter bij digitale productie en archieven.
Een volgend belangrijk punt is de opslag van gegevens. Vooral de capaciteit en de houdbaarheid spelen een rol. Naar capaciteit spelen tape-gebaseerde opslagmedia nog steeds de hoofdrol. Momenteel kan een enkele tape tot 0,5 TB aan informatie opslaan. 1 TB komt overeen met 1000 Gigabyte. In latere generaties kan dit stijgen tot 4 TB. Met een lossless compressie toegepast op een film in digitaal 4K – 4K staat voor 4096x3112 pixels, de hoogste resolutie die momenteel als referentie voor het digitaliseren van hoogwaardige film wordt gehanteerd – is er 1,59 TB per uur film aan opslagcapaciteit nodig. Een gemiddelde film van 100 minuten heeft in dit formaat ruim 5 tapes van 0,5 TB nodig. Voor TV productie vallen deze cijfers wat beter mee, maar met het oog op HDTV zal er op een 0,5 TB tape toch slechts 3 uur programma opgenomen kunnen worden.
De houdbaarheid van materiaal speelt op 2 fronten, namelijk de houdbaarheid van de drager en de technologische vernieuwing. Er worden nieuwe procédés aangewend om tapes te maken waardoor de slijtage afneemt en de houdbaarheid toeneemt. Toch spreekt men hier van een beperkte houdbaarheid, bijvoorbeeld 30 jaar voor de nieuwe generatie tapes.
Daarnaast speelt ook de technologische vernieuwing. De nieuwe technologie maakt het mogelijk om origineel materiaal in nog betere kwaliteiten te digitaliseren en te bewaren. Daarom komt vaak de vraag om ook de originele dragers nog te bewaren. Vertrekkende van een digitale kopie zal het echter wel gemakkelijker zijn om automatische transformaties naar toekomstige formaten te ondersteunen.
Ten slotte is de rechtenproblematiek nog even aangehaald. Naast de AV-gebaseerde metadata van een digitaal archief is er ook de behoefte aan metadata waarin de rechten van de producties opgenomen worden. Voor de (commerciële) ontsluiting van materiaal is het van essentieel belang dat de rechten voor het gebruik duidelijk in het systeem afgelijnd kunnen worden. |
| Documentatie: |
beeldengeluid.pdf
sony.pdf |
|
|
|
Kies één van de naaststaande presentaties. U kunt ook presentaties van een ander jaar uit de onderstaande lijst kiezen:
|